Taxichauffeurs rijden regelmatig wat harder omdat ze denken dat het goed zou zijn voor het bedrijf; dan zou de planning beter gehaald kunnen worden. “Uit metingen van diverse taxibedrijven die met ons programma werken blijkt dat er met gehaast rijgedrag nauwelijks tijdwinst te halen valt. Het heeft dan weinig zin om bijvoorbeeld stevig op te trekken, harder te rijden of een rotonde hard te nemen”, vertelt Han Verkuyl van GreenStar. Hij geeft regelmatig workshops bij taxibedrijven over verbeteringen van de rijstijl van taxichauffeurs.

Zo zijn er in het kader van een traject gericht op besparing van brandstof, onderhoud en schades, op beperking van CO2-uitstoot en op rijgedragsverbetering binnen ‘Het Nieuwe Rijden’ onlangs bij de Haars Groep uit Gorinchem voor zo’n 200 chauffeurs workshops verzorgd door Greenstar. De workshops waren een vervolg op een eerdere pilot met een deel van het wagenpark van Taxi Haars.

Wagenpark

De Haars Groep heeft na de pilot besloten het gehele wagenpark van rond de 200 voertuigen uit te rusten met het GreenStar programma. Daarmee wordt het rijgedrag in kaart gebracht waarna GreenStar, op basis van hun analyses daarvan, gericht advies geeft over aandachts- en/of verbeterpunten voor het bedrijf als geheel, maar vooral voor de individuele chauffeur.

“Met name dat laatste wordt vaak onderschat”, vertelt Verkuyl. “Meten is één ding. Maar ervoor zorgen dat er een structurele verbetering in de rijstijl plaatsvindt is een heel ander aspect. Toch zien we dat het mogelijk is om rijgedrag ten positieve te beïnvloeden. Zo ook bij de Haars Groep waar echt mooie stappen gemaakt zijn. De workshops zijn daarbij een mooie tool om in gesprek te gaan met de chauffeurs over hun beweegredenen om te rijden zoals zij rijden. We horen tijdens workshops regelmatig vergelijkbare zaken, maar eigenlijk worden we bij elke workshop ook weer verrast door nieuwe ervaringen en andere invalshoeken van de chauffeurs.”

Stevig doorrijden

Bij de Haars Groep werken volgens Verkuyl gemotiveerde chauffeurs die hun uiterste best doen optimale service aan de klant te bieden. “Het zijn beroepschauffeurs die betrokken zijn bij hun klanten. Vaak is bij stevig doorrijden dan ook het ‘excuus’ dat anders de klant niet op tijd opgehaald kan worden. Maar tijdens de workshop komt er vanuit de groep dan ook vaak iets terug als: ’Vanochtend trok je behoorlijk hard op maar bij het stoplicht stond ik gewoon weer naast je’. Dat zorgt voor de nodige hilariteit.”

Maar het doel is uiteindelijk dat iedereen zijn rijgedrag echt zo optimaal mogelijk maakt. “Voor ons is het belangrijk na zo’n bijeenkomst te horen dat met name de snel doorrijdende chauffeurs aangeven dat ze meer bewust gaan rijden.” voegt Verkuyl er aan toe. “Zij realiseerden zich daarbij niet dat bijvoorbeeld in het verbruik het verschil tussen 120 km per uur en 140 kilometer per uur in totaal 25% aan brandstof scheelt. Ook is er maar beperkt inzicht in de bijkomende kosten van extra onderhoud en schades.”

Workshops

Tijdens de workshops wordt nadrukkelijk stil gestaan bij het belang van goed en tijdig anticiperen op de situatie op de weg. De getoonde feiten die gemeten worden helpen daarbij. In de winter is bijvoorbeeld de kans op autoschade aanmerkelijk groter dan in de zomer (maar liefst 60%). “Daarmee geven we aan hoe belangrijk het is om de rijstijl aan te passen aan de omstandigheden”, vertelt Verkuyl.

“Regelmatig hoor ik chauffeurs zeggen: ‘Ik ken niemand die beter rijdt dan ik’. Maar hoe goed je ook rijdt, iedereen heeft zijn eigen blinde vlekken en valkuilen, en dus verbeterpunten. Er zijn bijvoorbeeld chauffeurs die te dicht op hun voorganger rijden. ‘Als ik goed in de slipstream rij dan rij ik toch zuinig?!’ hoor je ze zeggen. Ze rijden misschien wel zuinig, maar veilig allerminst. Zulke chauffeurs scoren dan ook slecht op remevents. Zij overzien de weg niet en moeten telkens te hard remmen.”

Automaat

De business development manager van GreenStar ziet geregeld tijdens een workshops dat chauffeurs niet goed weten hoe ze met een automaat kunnen schakelen of hulpmiddelen in een voertuig niet optimaal benutten. “Het is mooi om te zien hoe chauffeurs elkaar dan helpen door hun kennis en ervaringen te delen.”

Tijdens de workshop komen de chauffeurs zelf met ideeën komen hoe ze hun rijgedrag kunnen verbeteren en schades kunnen voorkomen. “De chauffeurs leren van elkaars tips en omdat ze het zelf bedenken gaan ze er sneller iets mee doen. Dat veilig en zuinig rijgedrag na een workshop meer gaat leven zien wij terug in de scores die gemeten worden via de EcoBox. Uit ervaring weten we dat 1 punt stijging alleen op brandstof al een besparing teweegbrengt van 7,5%”, legt Verkuyl uit.

Onwetendheid taxi-ondernemers

“In algemene zin heb ik gemerkt dat er nog vaak onwetendheid bestaat bij taxi-ondernemers hoe er met hun voertuigen wordt omgegaan”, vervolgt Verkuyl. “Ik kom het namelijk veel tegen dat ondernemers niet goed weten wat er gebeurt op de weg. Terwijl er met die wagens meestal toch heel wat kilometers worden afgelegd en belangrijke klanten worden vervoerd. Vaak staat toch de naam op het dak; iedere andere weggebruiker kan zien hoe jouw chauffeurs zich gedragen.”

Onze klanten zijn daarom vaak blij dat door onze metingen diverse verrassende zaken naar voren komen waar iets aan gedaan kan worden. Een chauffeur die een wagen regelmatig doortrekt tot het maximum in toeren is helaas geen uitzondering. Laatst was ik bij een bedrijf waar een chauffeur regelmatig hard door de bochten reed. Ik pakte er een voorbeeld uit en zag in ons portaal dat het onder meer gebeurde op een plek waar een stopteken staat. De ondernemer heeft de chauffeur erop aangesproken en daarmee de kans op ongelukken teruggebracht. Het is mooi dat je op deze manier naast besparingen en een beter milieu, ook kan bijdragen aan de veiligheid van zowel de verkeersdeelnemers, taxichauffeurs én passagiers.”

Bron